Brits korthaar

De Brits kortharen zijn bekend als de teddyberen onder de katten. Ze zijn zachtaardig, en hebben door hun vacht en brede kop met grote ogen een aantrekkingskracht waar bijna niemand tegen bestand is.

Een compacte, stevige kat met een brede borst en korte stevige poten. De ronde kop van een Brit is de blikvanger met grote ogen en kleine oren.

Karakter:

" Het liefste kattenras "

Over het algemeen zijn de meeste katten wel lief, maar een Brits Korthaar is nog liever. Kenners bestempelen het ras zelfs als de liefste kat. Brits kortharen zijn rustig, hebben een zachtaardig krakter en zijn graag overal waar de baas ook is. Een kat die als je een krant gaat lezen er bovenop gaat zitten en dan wel hard spinnend. Dat was wat mij zo aantrok in dit ras. Ze zijn aanhankelijk maar zitten niet graag op schoot. Maar wel graag dicht tegen je aan, zo gezellig!

Ze zijn intelligent en sociaal, dat maakt ze tot een prima familiekat. Ze passen zich gemakkelijk aan en kunnen goed overweg met andere huisdieren. Maar beter is het om meerdere katten in huis te hebben. 

Herkomst:

De wortels van de Brits korthaar moeten we in Groot-Brittannïe zoeken begin vorige eeuw. In die tijd begonnen de welgestelde Engelsen te showen met hun exotische raskatten die vaak uit Azïe afkomstig waren. Vele kattenliefhebbers uit die tijd hadden buiten raskatten ook gewone huiskatten, deze deden niet onder kwa schoonheid en kleuren maar werden door de society maar heel gewoontjes gevonden.

Bij een aantal liefhebbers ontstond de wens om echte engelse katten te betrekken in de raskattenfokkerij zodat deze op show konden concureren met de vooral fijngebouwde Oosterse rassen. Een kat met de bouw van een stevige Angora maar met een kortharige vacht was waar deze fokkers naar streefden. In het begin werden deze katten, nu Brits korthaar, voornamelijk in de blauwe variant gefokt omdat deze kleur als “chic” beschouwd werd.
Terzelfde tijd als men in Groot-Brittanïe hun katten begonnen te kruisen deden ze dit op het vaste land in Europa ook, maar deze werden Europese korthaar genoemd, ook al waren ze kwa type gelijk aan de Brits korthaar. Ook in Scandinavie werd er selectief gefokt met inheemse katten en raskatten. Ook deze werden Europese korthaar genoemd, maar deze katten waren van een heel ander type omdat men in Scandinavië de katten zo zuiver mogelijk hield. Het inkruisen met Angora’s en perzen was niet toegestaan. Daarom heeft de FIFe in 1982 beslist dat enkel de Scandinavische katten de naam Europees korthaar mogen dragen en dat de katten van het europese vasteland ook als Brits korthaar erkend worden.
Tot op de dag van vandaag worden er nog steeds Perzen gebruikt om te voorkomen dat de Brits korthaar haar type verliest.